donderdag 22 juni 2017

De rode roos (kort verhaal)

Langzaam dwarrelden de tere rode blaadjes met de matte glans van dure zijde waar miljoenen rupsen aan gesponnen hadden, naar het schelpenpad waar een amper waarneembare windvlaag ze even deed opwippen als in een laatste voorzichtige stuiptrekking.

Hoe toepasselijk dacht hij terwijl zijn ogen de blaadjes volgden; de laatste stuiptrekking.
Hij zat al in de reservetijd van zijn herfst en als hij in de spiegel keek was er geen blaadje meer te bekennen. Nou ja, bij wijze van spreken dan. Zo kaal als een biljartbal maar zo rimpelig als een oude leren voetbal die sinds mensenheugenis ergens lag te vergaan.
Zijn ogen die vroeger zo blauw waren dat menig meisje er geen weerstand aan kon bieden, dreven nu flets in een poel van overtollig traanvocht tussen hangende en uitgezakte oogleden. Het deppen van zijn ooghoeken was in de loop der jaren een gewoonte geworden, zijn zakdoek was met hem vergroeid.

Ach vroeger, vroeger was hij een knappe vent, recht van lijf en leden, een dikke bos haar en een charmante glimlach. Hij keek niet op een vriendinnetje, waarom zou hij, hij kon er aan iedere vinger wel 10 krijgen.
En wat een jaloezie veroorzaakte het toen hij eindelijk zijn keus maakte en met het mooiste meisje ooit trouwde. Een sprookjeshuwelijk vond men.
Hij begreep nog steeds niet helemaal hoe hij in haar netten verstrikt was geraakt. Ja, ijdelheid, dat begreep hij inmiddels wel. En ook nog eens ijdelheid van beide kanten: zij de knapste jongen en hij het knapste meisje.
En maar niet luisteren naar de wijze raad van zijn ouders die hem probeerden te vertellen dat een knap snoetje een buitenkant is en ook nog eens vergankelijk. "De binnenkant, daar gaat het om, daar moet je je hele leven mee toekunnen!"

Dat 'hele leven' hadden ze niet gehaald. Het duurde wel heel erg kort voor ze er beiden genoeg van hadden.
Van haar mocht hij niet naar andere vrouwen kijken terwijl zij zelf ongegeneerd bleef flirten met ieder man die ze tegenkwamen. De ruzies waren niet van de lucht, er werden harde woorden gesproken!
Zijn ijdelheid verplichtte hem boos te zijn toen hij ingeruild werd voor een mooier maar vooral rijker exemplaar. De boosheid duurde niet lang en hij genoot van zijn herwonnen vrijheid.

Maar toch kon hij haar niet vergeten; naarmate hij ouder werd vergat hij de scherpe kantjes en werden de romantische herinneringen sterker, deden hem zelfs glimlachen.
Met nog weinig toekomst en heel veel verleden had hij zijn achterneefje haar naam laten Googelen. Dit leerde hem dat schoonheid niet gelijk stond aan geluk en inderdaad vergankelijk was. Zeer vergankelijk zelfs.
Hier stond hij voor haar graf met de brede hoge steen waarop, even tellen, maar liefst 4 ex echtgenoten vermeld stonden. Exclusief zijn naam.

Vier, dacht hij, nee vijf keer getrouwd!!!
Hij plukte verder aan de roos: zij hield niet van me..... zie hield van me.....  ze hield niet van me.....
En het laatste blaadje voegde zich zigzaggend bij zijn voorgangers.

Helen


Geen opmerkingen:

Een reactie posten